The joys and burdens of multiple legal frameworks for social entrepreneurship. Lessons from the Belgian case
De laatste twee decennia werden verschillende innovatieve juridische framewerken ontwikkeld voor sociale ondernemingen. Het gedifferentieerde succes van deze innovaties roept bepaalde vragen op. Is het intrinsieke design van deze juridische framewerken optimaal voor sociale ondernemingen. Ten tweede, is de aantrekkingskracht van deze juridische framewerken groot genoeg om zowel nieuwe als bestaande sociale ondernemingen aan te trekken? En als laatste, hebben deze nieuwe juridische framewerken hun volle maturiteit bereikt? Als dat niet zo is, kunnen deze veranderingen de ontwikkeling van sociale ondernemingen eerder afremmen dan aanmoedigen.
In deze paper wordt de Belgische situatie onderzocht, waarbij een innovatief framewerk was geïntroduceerd, en waarbij meerdere juridische framewerken voor sociaal ondernemerschap bestaan. Door middel van een multidisciplinaire aanpak die gebruikt maakt van rechtsgeleerdheid en economie, onderzoeken de auteurs de voordelen en nadelen van het hebben van talrijke juridische framewerken voor sociale ondernemingen. Ze geven een introductie van het Belgische juridische klimaat voor sociaal ondernemerschap, en argumenteren dat de huidige institutionele constellatie suboptimaal is. Tot slot concluderen ze met de lessen die uit de Belgische case kunnen geleerd worden en die relevant zijn voor andere landen en contexten.
Bijlagen
-
2009
-
---
